Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies. Door gebruik te maken van deze website, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies.

Sluiten

Als je team begint te stuiteren

Inleiding

Woensdag 27 mei jongstleden werd ik gebeld door een waarnemend schoolleider van een vrij grote basisschool ergens in Nederland. Zij was behoorlijk in zak en as want het einde van het schooljaar nadert met rasse schreden en ze was compleet het overzicht kwijt over alles wat nog voor de zomervakantie moet gebeuren. Ze vroeg me advies en al snel was de conclusie dat de hulpvraag te ingewikkeld was voor een telefonisch advies. We hebben een afspraak gemaakt voor woensdag 3 juni jongstleden.

Situatieschets

Ik ga op de bewuste woensdag naar haar school. De school ligt schitterend. Een pas geopende nieuwe school die zich over populariteit geen zorgen hoeft te maken. De kinderen worden massaal aangemeld.

Na onze kennismaking zijn we er eens rustig voor gaan zitten en begon de waarnemend schoolleider, laten we haar Marjolein noemen, haar verhaal.

De eigenlijke schoolleider is begin dit kalenderjaar uitgevallen. Te veel hooi op haar vork genomen en ze is sindsdien ziek. Haar terugkeer wordt voorlopig niet verwacht. De bestuurder heeft Marjolein gevraagd om het directeurschap waar te nemen. Marjolein is formeel adjunct directeur en heeft al vaker vanwege ziekte van de directeur waargenomen. En dat is eigenlijk steeds best goed gegaan.

Maar nu is de situatie anders. Eigenlijk vanaf het begin van de waarneming heeft Marjolein het gevoel dat ze geen grip op `de zaak` heeft. Het team stuitert alle kanten op en heeft aangegeven best angst te hebben voor de toekomst. Wat gaat er gebeuren? Het is niet de eerste keer dat de directeur vanwege ziekte langere tijd uitvalt. Hoe moet het verder met alles wat er aan plannen ligt? Schoolplan? Jaarplan? Het formuleren en aanscherpen van de visie en de missie van de school?

Het team

Kortom veel vragen en veel onzekerheid en dat maakt dit team wankel, onzeker en zelfs bang. Daar komt nog bij dat de oudere leraren die al wat langer op deze school werken de jongere leraren te veel meenemen in wat Marjolein ‘de mores van de school’ noemt. De jongere leraren krijgen geen kans om zelf dingen uit te proberen of wat van buiten de school naar binnen te halen. De opmerking ‘Zo doen we het al heel lang en het is steeds goed gegaan’ hoort Marjolein te veel en te vaak naar haar zin. En ook naar de zin van de jonge garde die ieder idee van innovatie ver voor zich uit heeft geschoven en zich heeft gevoegd in de heersende cultuur. Heel herkenbaar want ik kom dit in mijn praktijk heel vaak tegen.

Dit ook nog

Daarbij loopt Marjolein keihard tegen een aantal zaken aan die er gewoon niet zijn. Er is geen werkverdelingsplan. Er is zelfs geen normjaartaak. Leraren werken zich het schompes maar ieder overzicht van wie wat doet en wie waar verantwoordelijk voor is ontbreekt.

De organisatie en in het verlengde daarvan de formatie is volgens Marjolein op geen enkele manier passend te maken. Er dreigt een flink tekort en daar is Marjolein erg van geschrokken.
De doelen uit het jaarplan worden niet gehaald. De tijd is gewoon te kort om dat allemaal in de resterende 4 weken in orde te maken. De bestuurder heeft er al kritische vragen over gesteld aan Marjolein en Marjolein ziet ontzettend op tegen haar volgende gesprek met haar bestuurder. Ze gaat hem geen goed nieuws brengen.

Kortom: Marjolein ziet het ook helemaal niet meer zitten. Ze vertelt me dat ze in het weekend voordat ze mij belde flink overstuur is geweest. Zo overstuur dat haar man de bestuurder heeft gebeld en heeft aangedrongen op hulp. Want zonder hulp ging Marjolein er zelf ook aan onderdoor. Na veel aarzelen heeft de bestuurder ingestemd met deze hulp en heeft Marjolein contact met mij opgenomen.

Praktisch aan de slag

Samen gaan Marjolein en ik vervolgens aan de slag. We inventariseren eerst wat er echt voor de zomervakantie nog gedaan moet worden. Met stip bovenaan staat de organisatie voor het komende schooljaar. Want daar mag en moet de MR ook nog wat van vinden. We inventariseren wat er financieel kan en komen dan tot een gewenste verdeling van het geld over de groepen. Marjolein zegt zonder aarzelen waar voor haar de prioriteiten liggen en zo hebben we vrij snel een overzicht. Dat wordt op papier gezet en zal aan het team worden voorgelegd. Na goedkeuring door het team is de MR aan zet.

Vervolgens, er van uitgaande dat de MR instemt met het voorstel, gaan we kijken hoe we met de bemensing van de groepen uitkomen. Een snelle rekensom leert dat deze school bijna een volledige formatieplaats tekort komt. Maar als ik verder in deze materie duik zie ik al vrij snel dat er her en der wel erg kwistig met dagdelen en dagen wordt omgesprongen. Na een herberekening (die meteen kan dienen als basis voor het werkverdelingsplan) blijkt het uiteindelijk om nog maar twee dagen tekort te gaan. Maar dan moeten leraren die nu in de onderbouw op vrijdagmiddag ‘vrij’ zijn wel in de bovenbouw worden ingezet. En dat zullen ze volgens Marjolein niet fijn vinden. Dat zie ik wel vaker!

Komt nog er bij

Ik zeg aan Marjolein toe dat ik in het weekend een berekening maak op individueel niveau zodat iedere leraar weet hoeveel uur hij/zij daadwerkelijk inzetbaar is komend schooljaar. Ook opslagfactor, professionalisering en duurzame inzetbaarheid breng ik in beeld. Dan hoeft Marjolein straks alleen de schooltaken nog maar toe te voegen. Er ligt dan meteen een basis voor het werkverdelingsplan. Ook weet iedere leraar voor de start van het schooljaar waar hij/zij aan toe is. Als het om de uitvoering van de uren gaat waarvoor hij/zij wordt betaald.

Ik geef Marjolein het advies om snel met de PMR te gaan zitten en met hen een plan van aanpak op te stellen voor de ontwikkeling van een werkverdelingsplan. Zij is daarin als eerste aan zet. Ook raad ik haar aan om in dat overleg de mijns inziens ‘scheve’ verhouding tussen de lesgevende taak in de onderbouw en de bovenbouw te bespreken. Dit jaar lukt het niet meer om daar iets aan te doen maar het is een mooi punt voor het komende schooljaar. Het aanpassen en beter in verhouding brengen van individuele aanstellingen is maatwerk.

Nogmaals het team

Vervolgens komt de situatie in het team ter sprake. Marjolein deelt haar angst met mij. Ze heeft het gevoel dat het team haar leiderschap niet accepteert. Ze ziet ook dat gemaakte afspraken niet worden nagekomen. Leraren doen eigenlijk wat ze willen.

Ze zit met een niet functionerende bovenbouwcoördinator in haar maag en weet niet hoe dit aan te pakken. Of bespreekbaar te maken met de betreffende persoon die zichzelf in het hele team bestempelt als ‘de beste leraar van de hele school’. Een informele leider ten voeten uit. Ik geef Marjolein aan dat ik haar situatie goed begrijp. En dat dit inderdaad lastige aspecten zijn in het leiding geven. Het zal het team geen goed doen om op korte termijn dingen te forceren.

Ik adviseer Marjolein om in het overleg met haar bestuurder aan te dringen op een team ontwikkel traject. Omdat alleen een duurzame interventie op teamniveau voor de individuele leraren positieve gevolgen heeft. Van daaruit mag je dan een stimulerende invloed op het team functioneren verwachten. Marjolein vraagt tussen neus en lippen door of ik deze team ontwikkel trajecten ook doe. Als ik bevestigend antwoord zie ik haar blik ontspannen. Ze zegt dat ze aan haar bestuurder gaat voorstellen dat ik dat traject mag doen. Ik geef aan graag een offerte uit te brengen voor zo’n traject maar dat daarvoor wel een vervolg gesprek noodzakelijk is. Dat wil Marjolein graag inplannen.

De rol van de schoolleider

Dan breng ik ook haar eigen rol in dit proces ter sprake. Het is eenzijdig om alleen het team maar ‘de schuld’ te geven van de ontstane situatie. Ook Marjolein heeft hier een aandeel in. Zij is de leiding gevende en zij heeft haar eigen aandeel. Alleen focussen op het team gaat een schijnoplossing inhouden. Op mijn vraag of Marjolein bereid is om kritisch naar haar eigen leiderschap te kijken en daar eventueel ook mee aan de slag te gaan antwoordt ze dat ze dat graag doet. En ik hoor haar denken: alles om de school verder te helpen. Maar ik denk bij mezelf: jij zult écht flink aan de bak moeten! En besluit dat ook met haar te delen. Aarzelend geeft ze aan dat ze begrijpt wat ik bedoel...

Slotwoord

We spreken samen af dat Marjolein wel aan het team aangeeft dat er op korte termijn gewerkt gaat worden aan de teamontwikkeling. Wellicht helpt dit de individuele teamleden om met een beter gevoel de vakantie te kunnen starten.
Op mijn vraag of Marjolein nu verder kan antwoordt ze bevestigend. Ze bedankt me uitgebreid en ik geef aan dat ze niet moet aarzelen om me te bellen wanneer dit nodig is.

Als ik even later weer in mijn auto stap op weg naar een volgende afspraak met een schoolleider besef ik me wat een mooi vak ik eigenlijk heb. En wat fijn het is dat ik dagelijks bezig kan zijn met mijn missie.

Want het is mijn missie als leiderschapstrainer en -coach om iedere schoolleider in het Nederlandse onderwijs te begeleiden bij zijn persoonlijke ontwikkeling en professionele groei. 

Ook Marjolein gaat zich ontwikkelen en groeien. Daar ben ik heilig van overtuigd!

Wil jij ook begeleiding bij jouw team dat ook stuitert? Gewoon eens samen met mij kijken naar waar jij tegenaan loopt in jouw leiderschap? Boek dan snel een afspraak in en dan kijken we samen of ik ook een bijdrage kan leveren aan jouw persoonlijke ontwikkeling en professionele groei als schoolleider.